Het voorbije joodse dordrecht

De Holocaust-doden in de familie Coezijn

In dit overzicht wordt weergegeven wat er voor, in en na de oorlog is gebeurd met de leden van de familie Coezijn. Isaac Coezijn, een van de elf kinderen van vader Philip en moeder Vrouwtje, is de enige van het gezin die na de oorlog nog in leven bleek. Samen met zijn Dordtse vrouw Teuntje is hij vervolgens de baby Benjamin Flesschedrager gaan opvoeden.

Vader:
Philip Coezijn (Amsterdam, 11 mei 1862 – Sobibor, 9 april 1943). Eén dode.

Moeder:
Vrouwtje Poppegaai (Amsterdam, 16 september 1867 – Amsterdam, 7 november 1938)

Philip en Vrouwtje trouwden op 9 juni 1891 in Weesp.

Kinderen:
1. Rosette (Amsterdam 29.2.1892). Trouwde op 20 maart 1918 met Salomon Lierens (Amsterdam, 16.2.1892). Rosette en Salomon zijn beiden omgebracht in Auschwitz, hij op 31 maart 1944, zij al op 19 oktober 1942. Twee doden.

2. Jacobus (Amsterdam, 15.9.1893). Trouwde op 26 augustus 1914 met Mietje Mok (Amsterdam, 30.1.1896). Zij kregen achttien kinderen, van wie er één (Esther) als baby na zes maanden overleed, en van wie er slechts twee (Vrouwtje, Amsterdam, 29.8.1917 en Jozef, Amsterdam, 28.4.1923) de oorlog hebben overleefd. Alle overigen kwamen om in de vernietigingskampen, ook hun ouders: Jacobus in Auschwitz (17.9.1943), Mietje in Sobibor (11.6.1943.
De vermoorde kinderen zijn:
Philip (Amsterdam, 6.12.1914 – Mauthausen, 1.9.1941),
Sara (Amsterdam, 7.5.1916 – Auschwitz, 5.10.1942),
Maurits (Amsterdam, 15.7.1919 – Sobibor, 4.6.1943),
Hijman (Amsterdam, 22.8.1920 – Auschwitz, 28.2.1943),
Jonas (Amsterdam, 25.9.1921 – Auschwitz, 31.10.1942),
Elisabeth (Amsterdam, 23.2.1925 – Auschwitz, 17.9.1943),
Jacobus (Brasschaat, 17.9.1926 – Auschwitz, 17.9.1943),
Rebecca (Eeckeren, 25.2.1928 – Sobibor, 11.6.1943),
Rosalia (Eeckeren, 20.2.1929 – Sobibor, 11.6.1943),
Leo (Amsterdam, 14.2.1930 – Sobibor, 11.6.1943),
Gerrit (Amsterdam, 31.3.1931 – Sobibor, 11.6.1943),
Abraham (Amsterdam, 12.4.1932 – Sobibor, 11.6.1943),
Eva (Amsterdam, 22.12.1933 – Sobibor, 11.6.1943),
Judith (Amsterdam, 5.9.1936 – Sobibor, 11.6.1943),
Benno (Amsterdam, 14.10.1939 – Sobibor, 11.6.1943). Zeventien doden, twee overlevenden.
Philip was getrouwd, met Sara Straus (Rakowice, 25.10.1908). Geen kinderen. Zij stierf in Auschwitz, op 30.9.1942. Eén dode.
Ook Sara was getrouwd, met Elias Vischjager (Amsterdam, 24.2.1911). Drie kinderen: Jacob (Amsterdam. 28.2.1936), Mary (Amsterdam, 29.7.1937) en Judith (Amsterdam, 4.9.1941). Sara werd samen met deze kinderen omgebracht in Auschwitz, op 5 oktober 1942; Elias stierf op 30 juni 1944 in een onbekende gemeente. Vier doden.

3. Sara (Amsterdam, 7.8.1895). Trouwde op 5 juli 1917 met Benjamin Flesschedrager (Amsterdam, 8.9.1895). Eén zoon: Philip (Amsterdam, 8.7.1920). Sara en haar man zijn in Sobibor vergast, op 9.7.1943, Philip in Auschwitz, op 26.12.1943. Drie doden.

4. Hijman (Amsterdam, 6.7.1897). Ongehuwd. Hijman is vermoord in Auschwitz, op 31.3.1943. Eén dode.

5. Jozef (Hilversum, 20.10.1898 – Amsterdam, 12.2.1936).

6. Schoontje (Hilversum, 12.7.1900 – Amsterdam, 8.7.1921).

7. Isaac (Hilversum, 27.4.1903 – Amsterdam, 2.8.1971). Overlevende.

8. Elisabeth (Amsterdam, 22.5.1905 – Amsterdam, 28.4.1924).

9. Eva (Amsterdam, 25.6.1907). Trouwde op 18.10.1933 met Michiel van Velzen (Amsterdam, 30.5.1910). Eén dochter: Jansje (Amsterdam, 10.5.1935). Eva en Jansje werden omgebracht in Auschwitz, beiden op 26.10.1942; Michiel ergens in Midden-Europa, op 31 maart 1944. Drie doden.

10. Gerrit (Amsterdam, 12.3.1909). Trouwde op 14.9.1938 met Betje Kesner (Amsterdam, 27.8.1917). Eén dochter: Vrouwtje (Amsterdam, 10.8.1939). Betje en Vrouwtje werden vermoord in Auschwitz, beiden op 23.7.1942; Gerrit eveneens in Auschwitz, op 19.8.1942. Drie doden.

11. Judith (Amsterdam, 15.6.1912). Getrouwd met Tobias da Silva Rosa (Amsterdam, 18.4.1911). Eén zoon: Samuel (Amsterdam, 18.8.1939). Judith, Tobias en Samuel werden tegelijk vermoord in Sobibor, op 4 juni 1943. Drie doden.




< Terug naar ‘Benjamin Flesschedrager had vier namen en twee Dordtse pleegouders’