Het voorbije joodse dordrecht

Dordtse verzetsstrijdster
zong op joodse huisconcerten

* Dordts gymnasium eert oud-leerlinge Diet met plaquette
* Foto’s ontdekt van familieleden van jodenhelpster Diet Kloos

Diet Kloos-Barendregt

Diet Kloos op jonge leeftijd: ze vervoerde ondergrondse bladen,
maar ook wapens.
Foto: NOS Journaal

De voormalig Dordtse verzetsstrijdster Diet Kloos-Barendregt is in tweeërlei opzicht opzienbarend: zij is een van de weinige Dordtse verzetslieden, zo niet de enige, die nog in leven is. En haar verzetswerk, dat al op haar zestiende aanving, behelsde meer dan onderduikers bijstaan en illegale kranten en wapens verspreiden.
Diet Kloos zong ook als zangeres op concerten bij joodse Dordtenaren.

Liefdesrelatie
In november 2011 stond Diet Kloos nog in het volle licht van de publiciteit, met een tentoonstelling in het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 in Groesbeek. De expositie was, behalve aan haar, gewijd aan dichter Paul Celan, een zoon van Duitssprekende joden uit Roemenië, met wie Diet Kloos een korte liefdesrelatie heeft gehad. Gastconservator van de tentoonstelling was onder anderen Pauline Broekema, bekend als verslaggeefster van het NOS Journaal.
         Tegenwoordig mijdt Diet Kloos de openbaarheid. De negentig naderend, woont Diet Kloos niet meer zelfstandig. Zij is opgenomen in een verpleeghuis in Oosterbeek. Naar het schijnt kan zij het volgens een kennis niet meer opbrengen om over de oorlog te praten. “Alles wat zij kwijt wil, heeft zij al doorgegeven.”

         Dat is correct: dankzij de Dordtse stichting Max van Pelt, aan welks documentatiegroep Diet Kloos haar naam had verbonden, kunnen hier behartigenswaardige details verteld worden over de speciale concerten bij en voor joden.

Diet Kloos-Barendregt

Jan Kloos, de doodgeschoten echtgenoot
op wie Diet voor altijd verliefd zou blijven.
Foto: NOS Journaal

Gymnasium
Een korte introductie eerst van Diet Kloos: geboren op 9 mei 1924 aan De la Reijstraat in Dordrecht, zit Dina Barendregt op het lokale gymnasium als de oorlog uitbreekt. Nog pas zestien jaar oud raakt zij betrokken bij het verzet. Zoals Pauline Broekema meldt in een achtergrondverhaal op NOS Nieuws: “De gymnasium-leerlinge gaat langs bij onbekenden, op zoek naar onderduikadressen. Daarna volgt meer hulp aan onderduikers en koerierswerk: vervoer van ondergrondse blaadjes, bonkaarten, blanco persoonsbewijzen.” Ook houdt ze zich bezig met wapentransporten.
         Haar moeder vindt het maar griezelig. “Mijn vader was denk ik wel trots.” Zelf is Diet Kloos nooit bang geweest. “Toen niet en later ook niet.” Het schoolmeisje, vervolgt Broekema, wordt snel volwassen, zoals veel jongeren in het verzet. Broekema illustreert dit met een voorbeeld, van die keer dat Diet in hartje Dordrecht tot haar verbijstering een joodse onderduikster ontdekt, middenin een drukke modezaak. De vrouw valt onmiddellijk op met haar spierwitte, gebleekte haar.
         Diet loopt geschrokken op de vrouw af en sist: “Wat doe jij hier?” De vrouw, die waarschijnlijk ‘gewoon’ eens uit wanhoop aan de vier muren heeft willen ontsnappen, dreigt haarzelf en haar helpers te verraden. “Diet gebiedt haar terug te keren naar het onderduikadres. Het schoolmeisje is een radeloze volwassene de baas en redt meerdere levens”, schrijft Broekema.

Diet Kloos-Barendregt

Diet Kloos op huidige leeftijd: nooit langer slapen dan
1 tot 2 uur per nacht.
Foto: Pauline Broekema

Concertadressen
Als onderdeel van haar verzetswerk treedt Diet Kloos ook op bij concerten in huizen van Dordtse Joden, tenminste: toen dat kennelijk nog veilig was. Zij doet dit “op verzoek van de huisarts Oscar Cahen”, is alles wat het Erfgoedcentrum Diep in Dordrecht, het vroegere stadsarchief, hierover meedeelde in een persbericht over de tentoonstelling in Groesbeek. Pauline Broekema is iets minder summier: “Ze zingt op huisconcerten voor joodse families. Die zitten door de eerste anti-joodse maatregelen al snel zonder werk en geld. De concerten geven hen steun en afleiding.”
         Maar waar en bij wie werden die concerten zoal gehouden? Is daarover nog documentatie beschikbaar?
         De stichting Max van Pelt brengt uitkomst. Zij beschikt over uitgewerkte notities van Diet Kloos zelf, die de concerten enigszins inkleuren. Dat zij daar zong, was nauwelijks verbazingwekkend. Ze was muzikaal, noteert Broekema, en droomde van een toekomst als klassiek zangeres. Wijlen haar man Jan Kloos, met wie ze (tot aan zijn gevangenneming) welgeteld zestien dagen getrouwd is geweest en op wie ze “tot op de dag vandaag verliefd is”, zegt bij de laatste ontmoeting dat hij verwacht dat ze een “heel goede zangeres” probeert te worden.
         Na de oorlog vervult ze zijn wens. In 1946 hervat zij haar zangstudie aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, een opleiding die ze al in 1944 was begonnen. Broekema: “Een glanzende zangcarrière volgt na een conservatoriumopleiding.”

Rehabilitatie
De stichting Max van Pelt, dit ter verduidelijking, heeft als doel te publiceren over verzetsmensen en -groepen in de regio Dordrecht, zowel tijdens als na de Tweede Wereldoorlog. Zij doet daartoe onderzoek en geeft voorlichting. Ook ijvert de stichting voor het rehabiliteren van gemarginaliseerde verzetsmensen, in het bijzonder oorlogsheld Max van Pelt. Ten slotte pleit de stichting voor een breed, onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek naar de gang van zaken in het verzet. Op haar website valt het na te lezen: verzetinenomdordrecht.nl.
         Bestuurslid Maarten-Jan Leentvaar stelt, op gezag van Diet Kloos, dat de concerten zich voornamelijk afspeelden in de periode maart 1941-begin 1942, “in de grote huizen van welgestelde muzikale joden die over een vleugel beschikten”, en plaats konden bieden aan zo’n dertig betalende luisteraars. De concertbezoekers werd gevraagd een bijdrage te geven voor bijvoorbeeld Bram van Zanten, de solocellist van het Residentie Orkest, die zonder gage ontslagen was. Of voor de violist Roger Spalter, ook om zijn jood-zijn ontslagen, uit de Antwerpse Symphonie. Alle revenuen waren, kortom, voor joodse musici.
         Als concertadres fungeerde de woning van Oscar Cahen (1874), een huisarts en narcotiseur. Hij woonde op Singel 196 (nu: 274), en is in maart 1943 vermoord in Sobibor. Ook werd er gemusiceerd bij de familie Stad, aan de Burgemeester de Raadtsingel 23 (31). Vader en moeder Stad hebben de oorlog overleefd, hun dochter Mathilda (1916) is, evenals haar man Abraham Sons (1912) gedood, in Auschwitz en Seibersdorf.
         Bij de familie Cohen, aan de Toulonselaan 7 (nu nog: 7), konden ook concerten worden beluisterd. Van dit gezin hebben alle leden, de ouders zowel als hun twee kinderen, de oorlog overleefd. Nog een concertadres was op de Oranjelaan, bij de autohandelaar Van den Berg. Over hem en de zijnen is verder niets bekend. Zo nu en dan werd er verder geconcerteerd bij de familie Benedictus (Wijnstraat) en mevrouw Jo Schaafsma, die aan de Singel, vlakbij de Noordendijk, woonde.

Diet Kloos-Barendregt

Het huis waar Diet in haar Dordtse tijd woonde:
De La Reijstraat 6 (huidig nummer), met witte deur.

Verhoren
Diet Kloos heeft ook vastgelegd welke joodse onderduikers zij in Dordrecht heeft kunnen onderbrengen. Ter wille van de lokale geschiedschrijving worden zij hier vermeld. Georges en Lotte Spalter-Wolf krijgt zij ‘verstopt’ bij het “niet meer zo jonge echtpaar” Venverloo, aan de Oranjelaan 44 (nu: 292). Drie lange jaren duurde deze onderduik, die succesvol was: de Spalters wisten de oorlog te overleven, ondanks “de strenge verhoren” die Diet Kloos moest ondergaan in haar gevangenistijd, van begin december 1944 tot eind januari 1945.
         Het echtpaar Del Canho-van Beugen wist zij te huisvesten bij mevrouw P. de Visser-van den Nieuwenhuizen, aan de Reeweg, “tegenover de toenmalige drogisterij van de dames Vermaat en Gort”, weet Diet nog. “In de buurt” van de Reeweg zaten ten slotte nog twee oude dames ondergedoken, oma Seelig en oma Löwenstein. Een van hen is daar overleden en ’s nachts “door de ondergrondse” in een tuin nabij begraven.
         Diet Kloos leerde haar Jan in 1944 kennen. Hij was actief in een knok- en spionageploeg in Dordrecht. Ze werden hopeloos verliefd en trouwden op 22 november van dat jaar. In de nacht van 8 op 9 december worden ze gearresteerd door de politie. Ze worden overgebracht naar de gevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht, en zes weken lang verhoord. Haar man wordt in haar aanwezigheid gemarteld. Kort voordat hij wordt afgevoerd naar de gevangenis aan de Weteringschans in Amsterdam, zien ze elkaar nog even. Broekema: “De aanblik van Jan is smartelijk. Zijn schedel kaal, zijn gezicht ongeschoren en helemaal blauw geslagen.”
         Diet Kloos wordt vrijgelaten in Utrecht. Ze rijdt naar Amsterdam om bij de gevangenis hun herkenningsmelodietje te fluiten, rond de tijd dat de gevangenen worden gelucht. “Er komt geen reactie.” Op 30 januari 1945 wordt Jan Kloos geëxecuteerd aan de Amsteldijk. Zijn vrouw ontvangt nog een laatste brief. Daarin spoort hij haar liefdevol aan om alles uit het leven te halen en vooral: om te zingen. En de herinnering aan hem mag zeker geen belemmering zijn voor een andere man, meent hij.

Zelfmoord
Ernstig ondervoed en sterk vermagerd haalt de weduwe Diet Kloos ondergedoken de oorlog. Op vakantie in Parijs leert ze in 1949 de dichter Paul Celan kennen, wiens ouders door de nazi’s zijn vermoord. Hijzelf heeft in een werkkamp ternauwernood aan de dood kunnen ontsnappen.
         Hun oorlogservaringen binden hen. Er ontstaat een liefdesrelatie, die onder meer tot uitdrukking komt, zo meldt het erfgoedcentrum, in twaalf handgeschreven brieven – die bewaard zijn gebleven. Celan, die wordt beschouwd als een van de grootste dichters van de tweede helft van de 20ste eeuw, maakt in april 1970 een eind aan zijn leven. Diet Kloos groeit uit tot een gevierd oratoriumzangeres.
         Maar in diepe slaap vallen of uitgerust wakker worden is er sinds 1945 niet meer bij. Tot op heden kan ze per nacht hooguit een tot twee uur slapen.

(Diet Kloos-Barendregt is vrijdag 3 april 2015 overleden in Elden, op 90-jarige leeftijd.)

Dordts gymnasium eert oud-leerlinge
Diet Kloos-Barendregt met plaquette

In het Johan de Witt-gymnasium waar zij les kreeg, is dinsdag 22 maart een glazen plaquette onthuld van de Dordtse verzetsstrijdster en jodenhelpster Dina (‘Diet’) Kloos-Barendregt. De gedenkplaat, ontworpen door de Rotterdamse grafisch vormgever Niels Vrijdag, toont de oud-gymnasiaste op jonge leeftijd. Diet Kloos is op 9 mei 1924 in Dordrecht geboren en op 3 april 2015 als 90-jarige overleden in het Gelderse Elden.

plaquette in het Johan de Wittgymnasium

De plaquette in de nieuwbouw aan de achterzijde van het gymnasium. Daaronder de portretfoto van Diet Barendregt die gebruikt lijkt te zijn voor de plaquette.
Foto’s Redactie Website en RTV Dordrecht

Diet Kloos-Barendregt

Vertraagd
Het is vooral Dordtenaar Roel Leentvaar geweest die samen met de docent geschiedenis en klassieke cultuur Peter Barendregt zich voor de plaquette heeft ingezet. De pandemie heeft het uitvoeren van dit plan behoorlijk vertraagd. De plaquette bevindt zich in nieuwbouw aan de achterzijde van het gymnasium aan het Oranjepark. Tientallen medewerkers en docenten woonden de onthulling bij.
        Op een muur om de hoek van de plaquette wordt toegelicht wie Dina Barendregt was en hoe zij zich heeft geweerd in de oorlogsjaren. Diet, die eindexamen deed in 1942, werkte bijvoorbeeld mee aan illegale huisconcerten met joodse musici, zo valt te lezen. Ook regelde zij adressen en bonkaarten voor joodse onderduikers en bezorgde zij illegale kranten. Op deze website is hierboven het artikel over haar te vinden.
        Samen met haar vriend Jan Kloos (Dordrecht, 1919) zette Diet later in de oorlog haar verzetswerk voort “met het in kaart brengen en registreren van Duits luchtafweergeschut op het Eiland van Dordrecht”. Zij en Jan trouwden op 22 november 1944 in Dordrecht, maar werden “al spoedig door de Duitse Sicherheitsdienst opgepakt op verdenking van spionage” en overgebracht naar de strafgevangenis in Utrecht. Jan Kloos, die biologie heeft gestudeerd in Leiden en Utrecht en daarnaast ornitholoog was, werd schuldig bevonden en op 30 januari 1945 gefusilleerd op de fusilladeplaats Rozenoord in Amsterdam. Hij werd aanvankelijk begraven in de duinen van Kennemerland, maar na de bevrijding herbegraven op de Eerebegraafplaats Bloemendaal in Overveen (vak 10).
        Zijn vrouw wordt na zeven weken vrijgelaten en hervatte haar activiteiten in het verzet, nu als wapenkoerier. Na de oorlog volgde Diet Kloos, die woonde in de De La Reijstraat op nummer 6, een opleiding klassieke zang, “met een internationale carrière als resultaat”. Zij heeft een korte relatie gehad met de dichter Paul Celan, zoon van Duitssprekende joden uit Roemenië, en bekend van het befaamde gedicht ‘Todesfuge’. In 2017 is zij door Yad Vashem onderscheiden voor haar hulp aan joodse onderduikers.

Diet en Jan

Op deze foto, afkomstig uit een item van het NOS Journaal, staan Diet en Jan samen.
De oudere mensen links van Diet zijn de ouders van Jan Kloos. Op de foto staat de tweede mevrouw Kloos.
De vader van Jan, de botanist dr.ir. Abraham Willem Kloos (Wormerveer, 1880 - Dordrecht, 1952), trouwde in 1907 in Goes eerst met Antje Eisma (Dokkum, 1926 - Alkmaar, 1948). Na de echtscheiding hertrouwde hij op 23 juni 1914 in Dordrecht met Dirkje Blijstra (Franeker, 1885 - Leiden, 1968). Jan Kloos is uit dit huwelijk geboren, in Dordrecht op 7 mei 1919.
Foto NOS

Bloemen
Peter Barendregt – geen familie van Dina Barendregt – zette bij de onthulling, en desgevraagd aanvullend in een e-mail aan de redactie van deze Stolpersteine-site, uiteen hoe het idee voor de plaquette is ontstaan. Barendregt kreeg overigens vooraf een grote bos bloemen, niet voor zijn inzet in deze, maar omdat hij jubileerde: hij was op de dag af 40 jaar docent aan het Johan de Witt-gymnasium. Op 2 september 2023 gaat hij met pensioen.
        Het idee was om oud-leerling Diet in 2020 te eren ter gelegenheid van 75 jaar bevrijding, vertelde hij. Zo ontstond het plan om in de school een plaquette te plaatsen “als blijvende herinnering aan haar op haar oude school”. Peter Barendregt was door Roel Leentvaar op het spoor gebracht van Diet als oud-gymnasiaste. En door Leentvaar kwam Barendregt ook in contact met dr. Paul Sars, hoogleraar Duits aan de Universiteit van Nijmegen.
        Sars heeft “vele gesprekken” gevoerd met Diet Barendregt – “aanvankelijk vooral over haar contact met Paul Celan, maar gaandeweg ook over haar eigen oorlogsverleden”. Sars was aanwezig bij de onthulling van de plaquette, die er door de covid-pandemie veel later kwam dan gehoopt. De plaquette is gefinancierd uit bijdragen van de school zelf, de oudervereniging, de stichting Reünisten en de gemeente Dordrecht.

Peter Barendregt toont een foto uit de oorlogstijd met alle stafleden en leerlingen van het Johan de Witt-gymnasium

Docent Peter Barendregt toont tijdens de onthulling van de plaquette een foto uit de oorlogstijd met alle stafleden en leerlingen van het Johan de Witt-gymnasium. Op de foto hierboven wijst hij de bebrilde Diet Barendregt aan.
Foto’s Redactie Website

Peter Barendregt

Foto
Bij de officiële onthulling op die 22ste maart toonde Peter Barendregt nog een langgerekte foto van tientallen leerlingen in de oorlogstijd. Diet staat erop, Barendregt wees haar aan. Daarna sprak Paul Sars, deels vanaf papier, deels spontaan. Hij heeft de rede op verzoek toegestuurd aan de redactie. Die wordt hierna in haar geheel geciteerd, omdat zij tal van feiten bevat die lokaal-historisch belangwekkend zijn.
        Sars vertelde tot slot dat zijn betrokkenheid bij het leven van Diet Barendregt hiermee allerminst ophoudt. Samen met zijn collega-onderzoeker Jan Heemels, die zich richt op de nalatenschap van Jan Kloos, Peter Barendregt en leerlingen en docenten wil hij in 2024, rondom Diets 100ste geboortedag, “iets tot stand brengen”, in educatief opzicht. Hij en Heemels stellen daartoe materiaal uit de nalatenschap ter beschikking.
        Er bestaat een website, zei hij nog, gewijd aan Jan en Diet Kloos, waarop herinneringen aan Diet Kloos zijn te vinden, alsook enkele korte portretten, gemaakt door verslaggeefster Pauline Broekema van het NOS-Journaal. Dit is de link naar die site: ru.nl/rich/our-research/research-groups/cultures-of-war-and-liberation/current-projects/projects/jan-kloos/diet-kloos/

Professor Paul Sars

Professor Paul Sars, die Diet Kloos-Barendregt heeft gekend, gaf een schets van haar leven tijdens de plechtigheid in het gymnasium.
Foto Redactie Website

Speech
Dan nu de speech van Paul Sars, in feite een biografische schets van Diets leven:
        “Hoe trots zou Dietje Barendregt zijn geweest dat haar Johan de Witt Gymnasium in haar geboorteplaats Dordrecht haar met deze plaquette een eerbetoon brengt. Diet was hier eind jaren dertig leerling, toen er steeds meer Duitse en Duits-joodse vluchtelingen naar ons land kwamen. Ze was actief in het culturele leven, zong liederen, begeleid door haar oudere broer Wout, die piano speelde. Zo leerde ze vluchtelingen kennen, raakte bevriend met joodse mensen die steeds meer in de verdrukking kwamen.
        Groot was de schok toen de Duitsers Nederland binnenvielen, op 10 mei 1940, daags na haar 16de verjaardag. Nog meer indruk maakte de ervaring van het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940. “Staand naast mijn vader”, vertelde Diet me, “en aan de hand van mijn vader, heb ik de verwoestingen gezien.” Die aanblik heeft haar wereldbeeld en haar levenshouding veranderd.
        In de daarop volgende maanden heeft ze zelf, zonder medeweten van haar ouders, de weg naar het verzet gezocht. Het begon met huisconcerten met Joden, wat de bezetter ongewenst vond, want het kon leiden tot samenscholing en subversieve acties. En dat gebeurde ook, want Diet ontmoette er verzetsmensen, zoals de Joodse huisarts Oscar Cahen. En naarmate de oorlog vorderde en de Jodenvervolging toenam, werd ook Diet actiever in het verzet tegen de nazi’s. Ze zocht onderduikadressen voor Joden, regelde voedselbonnen, valse identiteitsbewijzen en verspreidde illegale verzetsblaadjes.

Niet onbesuisd
In haar berichten over die acties werd me duidelijk dat ze zeer moedig was, maar niet onbesuisd of roekeloos. Ze heeft wel degelijk zorgen en angsten gekend. Angst voor foute Nederlanders, die haar, een 18-jarige scholier, zouden verraden wanneer ze aanbelde met de vraag of “dit wellicht het adres was waar mensen konden worden opgevangen”: Joodse onderduikers dus. Ze begeleidde persoonlijk een gezin met kleine kinderen in een bootje naar de onderduik in landelijk gebied.
        Permanente zorgen had ze over voldoende voedsel voor die onderduikers. Hoe kwam je aan voldoende voedselbonnen en waar haalde je dat voedsel dan vandaan, hoe kreeg je het telkens onverdacht op de onderduikadressen? Maar ook over het moreel van de ondergedoken Joden had ze zorgen. Groot was de schrik toen ze op klaarlichte dag een van haar onderduikers op straat zag lopen, een vrouw die de benauwde ruimte niet meer aankon. Diet reageerde alert, las haar de les en bracht haar terug naar de in paniek geraakte andere onderduikers. Als de vrouw was opgepakt had ze mogelijk ook de anderen in gevaar gebracht.
        En pijnlijk bleef voor Diet ook de herinnering aan het moment waarop de radeloze joodse Gertrude Mainzer zich hier in Dordrecht bij haar meldde [zie verhaal 93, red.]. Zelf was ze ondergedoken, maar haar kinderen waren op school als joods herkend en afgevoerd naar Westerbork. Wat moest ze doen? De 19-jarige Diet drong er bij de tien jaar oudere Traute op aan dat ze zich bij haar kinderen zou voegen: “Je zou er niet mee kunnen leven…”, schijnt ze te hebben gezegd.
        Deze Gertrude heeft zich bij haar kinderen gevoegd is met hen naar Bergen-Belsen gedeporteerd. Maar ze hebben het overleefd, zijn naar de VS geëmigreerd, waar Gertrude onder de naam Traute Zinsheimer een succesvol advocaat en rechter is geworden. Kort voor haar overlijden in 2010 had ik contact met haar dochter, die me zei dat haar moeder Diet altijd dankbaar is gebleven voor haar raad en steun. Diet was uiteraard zeer blij met die dankbaarheid, maar de spanning van dat moment is nooit geweken.

Knokploeg
Van grote invloed op Diets leven is de kennismaking geweest met Jan Kloos, op 20 mei 1944. Zij is dan al actief in het verzet, maar door Jan, die in Dordrecht lid is van de knokploeg, werkt ze ook samen in de landelijk actieve verzetsgroep Albrecht. Ze houden zich onder meer bezig met wapentransport en met het in kaart brengen van Duits afweergeschut. De posities van het afweergeschut worden doorgeseind naar Londen. De geallieerden hebben dit verzetswerk later gekwalificeerd als zeer professioneel en van grote waarde.
        Jan en Diet trouwen op 22 november 1944. Jan is in de voorafgaande weken veel in de buurt van Arnhem, omdat hij ‘officieel’ als bioloog in Wageningen werkt en wil meevechten bij de luchtlanding en bevrijding. De liefdesbrieven van Jan en Diet die we uit die maanden hebben, laten een liefde in oorlogstijd zien die onvoorstelbaar heftig en intens is. Ze zijn zó verliefd, geven in lange brieven uitgebreid hun visie op levenszaken, uiteraard omgeven met lieve én uitdagende woorden, met verwijzingen naar hun lange vrijpartijen. Hier wordt een zelfbewuste jonge vrouw zichtbaar.
        Diet schrijft over een mogelijke zangcarrière die ze niet voor een man zal opgeven. Maar ze denkt ook over een studie medicijnen of diergeneeskunde, en heeft daarom naast gym alfa- ook gym bèta-examen gedaan. Die toekomst ligt nog open.
        Diet en Jan worden verraden, opgepakt in december 1944, en vastgezet in de gevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht. In aanwezigheid van Diet (die opgesloten zit in een kast) wordt Jan ernstig mishandeld. Maar hij noemt geen namen, zij ook niet. Hij wordt eind januari 1945 door de nazi’s gefusilleerd. Diet is dan al vrijgelaten, zwerft rond in Utrecht, op zoek naar Jan, maar hoort pas in februari 1945 dat hij al is vermoord, op verdenking van spionage, als vergelding. Diet lijkt gebroken, zoals we in haar dagboek uit die weken kunnen lezen.

Jan Kloos

Amateurviolist, ornitholoog, waterpoloër en verzetsman Jan Kloos uit Dordrecht is op 25-jarige leeftijd gefusilleerd, op 30 januari 1945, in de duinen van Kennemerland. Na de bevrijding werd hij herbegraven op de Eerebegraafplaats Bloemendaal in Overveen.
Foto’s Oorlogsgravenstichting

Kompas
Ook de 22ste maart 1945, vandaag 77 jaar geleden, schijnt de zon, maar niet voor haar, zo geeft ze in dat dagboek aan. Toch kan ze haar karakter niet verloochenen en pakt ze haar verzetswerk direct weer op, onder andere met wapentransport, tot aan de bevrijding.
        Ook na de bevrijding blijkt haar moreel kompas onbeschadigd. Ze wordt gevraagd lid te worden van de ordedienst en direct ingezet bij de bewaking van foute Nederlanders, zoals NSB’ers.
        Maar als ze ziet hoe de zogenaamd ‘goede’ Nederlanders omgaan met hun gevangenen, stopt ze al na één dag met het bewakingswerk. Ook zegt ze haar lidmaatschap van de Vereniging van Ex-politieke Gevangen op, wanneer besloten wordt dat communisten, met wie tijdens de oorlog zij aan zij tegen de nazi’s werd gevochten, ineens geen lid meer mogen zijn. Dit is Diet ten voeten uit: bedachtzaam, maar ook stellig, rationeel intelligent, maar met gevoel voor maatschappelijke verhoudingen. En dat terwijl ze op dat moment moet leren leven met het feit dat ze op 20-jarige leeftijd voorgoed weduwe is.
        Voor vrouwen zijn er amper beurzen beschikbaar, dus Diet kan geen medicijnen gaan studeren en zet haar muziekopleiding verder voort. Ze studeert in 1949 af aan het Haags Conservatorium, met één algemeen en éen solistendiploma, het laatste met een niet eerder verleend cum laude voor voordracht. Zoals ze in haar gymnasiumtijd had geleerd, overdacht ze wat ze citeerde, wanneer ze Engelse, Franse en Duitse liederen zong. Ze wisselde graag van Italiaans naar Frans, citeerde haar klassieken, zoals me bleek uit een brief die ze in 1999 aan de Stanfordhoogleraar John Felstiner schreef, met de in handschrift geschreven klassiek Griekse beginregels van de Odyssee.

Verdriet
In haar zangcarrière is Diet een keiharde werkster, aangezien ze geen rijke ouders of machtige vrienden heeft. Ze moet het zelf doen. Ze schrijft recensies voor Het Vrije Volk, treedt op in huisconcerten en kleine zalen, solliciteert naar radio-optredens en dingt naar studiebeurzen. Met succes. In 1953 wint ze een beurs voor Parijs en enkele maanden later ook voor Siena. Ze studeert bij beroemde muziekpedagogen, krijgt aanbevelingen en leert ook getalenteerde leeftijdgenoten uit allerlei landen kennen, met wie ze haar verdriet probeert om te zetten in naoorlogs optimisme.
        De brieven die deze mensen naar Diet sturen spiegelen haar karakter. Diet heeft met haar bijzondere mezzo-alt een uniek stemgeluid, maar ze geldt ook als sociaal, goedlachs en zorgzaam voor anderen. Vera Little, de uit het racistische zuiden van Amerika gevluchte zangeres – de eerste zwarte zangeres die in Europa ‘Carmen’ zal vertolken, aanvankelijk uitgefloten, later bejubeld –, vraagt Diet om hulp bij een platencontract. En ook Diet zelf zoekt hulp in het netwerk dat ze opbouwt met leeftijdgenoten in Engeland, Italië, Frankrijk en Duitsland.
        Ze is overigens een van de eerste oratoriumzangeressen die al begin jaren 50 weer in dat verfoeide Duitsland optreedt! Ook dit vind ik tekenend: Diet kon heel goed onderscheid maken tussen Duitsers en nazi’s. En al in 1949 schrijft ze in een brief aan haar moeder over het racisme in Amerika, bezoekt ze met haar joodse vriend Paul Celan uitvoeringen van de zwarte zanger Gordon Heath, die in Parijse cafés de toestand in het Amerikaanse Zuiden bekritiseert.

Diet Barendregt

Diet Barendregt op oudere leeftijd.
Foto NOS Journaal

Diet Barendregt

Diet Barendregt op jongere leeftijd.
Foto Radboud University Nijmegen

Zakcentje
Diet bouwt met succes een eigen zangcarrière op. Ze behoort, zoals dr. Philomeen Lelieveldt van het Nederlands Muziek Instituut het stelt, tot de weinige vrouwen die in de jaren vijftig en zestig als zelfstandig professioneel musicus de kost konden verdienen. Klinkt goed. Maar in de documenten uit de nalatenschap zien we hoe hard ze daarvoor heeft moeten vechten. Ze protesteert tegen het feit dat mannelijke collega’s meer honorarium krijgen, dat sommige amateurgezelschappen suggereren dat zij als vrouw wel voor een zakcentje bereid zou zijn om op te treden. Immers, er zal toch wel een man zijn door wie ze wordt onderhouden?
        En ook bij radio-optredens of platencontracten of vacatures aan het conservatorium in Den Haag wordt ze – hoewel men haar kwaliteit erkent – vaker met smoezen afgescheept. Zoals haar mentrix van het Haags conservatorium in een brief suggereert: solliciteren heeft geen zin, want de heren hebben de vacature al onderling geregeld. Enkele jaren later opnieuw: je kunt solliciteren, maar er zijn al vrouwen.
        Uit de nalatenschap krijgen we de indruk dat Diet weliswaar zeer van de mannen is, maar een vaste relatie of huwelijk in de jaren vijftig afhoudt. Ze heeft een jaar lang een hevige liefdesrelatie met de joodse, in Parijs levende dichter Paul Celan, maar wijst hem gedecideerd terecht wanneer hij van haar verwacht dat zij volgzaam op hem gaat zitten wachten, terwijl hij aan het werk gaat.
        En we hebben liefdesbrieven van een Italiaanse beeldend kunstenaar en dichter die bezweert dat hij haar beroemd zal maken in Italië, als zij maar voor hem kiest. En er zijn brieven van een Italiaanse student, later professioneel basketballer – vermoedelijk acht jaar jonger dan Diet – die zijn hartstochten de vrije loop laat en smeekt om voortzetting van de relatie. Van een Duitse zanger hebben we de herhaalde smeekbede of hij Diet in Dordrecht mag bezoeken. Uiteindelijk mag hij op bezoek komen – we hebben foto’s van hun uitstapjes –, maar tot een vaste relatie komt het niet.

ex-libris van Diet Kloos

De ex-libris van Diet Kloos toont de Grote Kerk
van Dordrecht, getekend vanaf de Kalkhaven
door Anton Pieck in 1944.
Foto Privé bezit Familie Wildeman

Raadsvrouw
Pas als ze zangdocente is aan het conservatorium in Tilburg heeft ze drie jaar lang een vaste relatie, maar feitelijk is, ondanks haar zeer geëmancipeerde omgang met mannen, toch die ene man haar enige echte man gebleven: Jan Kloos. En zo heeft zij mij dat ook uitgelegd; ze hield van mannen, maar die moesten wel aan de wensen van een zelfstandige, werkende vrouw beantwoorden. En deze mannen waren nog niet zo ver.
        Ook haar studenten moesten voldoen. Zangeres Hanneke Moerdijk noemt haar als docente aan het Tilburgs conservatorium streng maar tevens toegewijd, behulpzaam als raadsvrouw voor haar studenten. Dat laatste blijkt ook uit brieven van studenten die haar bedanken, juist en ook wanneer ze mede door begeleiding van Diet van een muziekcarrière hebben afgezien. Ze bedanken haar voor de hulp, ook financiële hulp, voor haar raad in een beroepskeuze of een steeds moeilijker wordend huwelijk.
        Ook ik heb veel aan Diet te danken, sinds ik als 28 jarige Celan-onderzoeker haar in 1988 leerde kennen. Ze heeft me altijd in mijn onderzoek gesteund, was meer dan 25 jaar een soort van familielid in mijn gezin. Mijn oudste dochter heet dan ook Diede, en Diet is tot aan haar ziekbed regelmatig bij ons te gast geweest. Voor mij was Diet ook gewoon een oudere vriendin – met wie ik veel kon lachen, want humor had ze, en ze liet niet na sappige anekdotes te vertellen.
        Maar ze kon ook streng zijn tegen mij. Want een woord is een woord, en van smoesjes was ze wars, ook van die van Paul Sars. Ik gebruikte in een Franse brief voor haar werk een keer het woord ‘chanteuse’ in plaats van een adequate Franse uitdrukking voor oratoriumzangeres. Dat heb ik geweten! En ik heb een keer haar verjaardag vergeten: ook dat was eens maar nooit weer! Ik ben er trots op dat ze me als beheerder van haar nalatenschap aanwees, en ik kon me goed vinden in haar besluit dat ze haar financiële vermogen geheel aan goede doelen naliet: ik was immers al zo goed door haar bedeeld!

Zelfbewust
Dit soort herinneringen reken ik tot een bijzondere karakteristiek van Diet. Geen liever mens als je haar nodig hebt, maar je maakt met haar de kachel niet aan. Ze trad zeer zelfbewust op, een combinatie van gerechtvaardigd diva-gedrag met gewoon krachtige performance.
        Waarom? Omdat ze in haar hart een zelfbewust mens was, moedig, maar nooit onbesuisd. Door haar talenten en daden wist ze wat ze waard was, hoe ver ze kon gaan. Die zelfkennis had ze van huis uit meekregen, maar ook van jullie, haar docenten van het Johan de Witt Gymnasium.
        Immers, het waren destijds en zijn nu nog steeds – zoals in Oekraïne en Rusland – de jonge mensen die moedig protesteren, zich verzetten, desnoods tot het uiterste. Het is goed dat het Johan de Witt Gymnasium Diet Kloos-Barendregt eert, want daarmee eren jullie alle verzetsmensen en tevens alle docenten van scholen die daartoe opleiden.”


Foto’s ontdekt van familieleden
van jodenhelpster Diet Kloos

In de beeldbank van het Regionaal Archief Dordrecht (RAD) zijn foto’s gevonden van de schoonouders en mogelijk zelfs de echtgenoot van Dina (‘Diet’) Kloos-Barendregt, de verzetsstrijder en jodenhelpster aan wie het Dordtse gymnasium onlangs een glazen plaquette heeft gewijd. Ook zijn er drie foto’s aangetroffen van Diet en haar broer Wouter. De vondst werd gedaan door de Dordtse archiefonderzoekster Erica van Dooremalen.

plaquette in het Johan de Wittgymnasium

Abraham Willem Kloos, de schoonvader van Diet, op jonge en oudere leeftijd.
Foto’s RAD (nrs. 552_310434 en 309_109480)

Duizenden
Afgelopen 22 maart werd in het Johan de Witt-gymnasium een gedenkplaat onthuld die herinnert aan oud-leerlinge Diet Barendregt. Van Dooremalen las erover op deze Dordtse Stolpersteine-website en nam daarop nog weer eens in de beeldbank van het RAD de zogeheten collectie-Beerman door. Dit zijn de duizenden foto’s die vader en zoon Hermanus Gerardus Beerman in de vorige eeuw hebben gemaakt in hun fotozaak aan het Vrieseplein, en die inclusief de administratie in het archief terecht zijn gekomen.
        Op deze site zijn er veertien afleveringen gewijd aan de foto’s van joodse Dordtenaren die de beide Beermannen voor de Tweede Wereldoorlog voor hun lens kregen in de studio. Die foto’s zijn na de Holocaust fotohistorisch lokaal van grote waarde geworden, niet alleen voor de (schaarse) nabestaanden.
        In diezelfde omvangrijke collectie trof Van Dooremalen ook afbeeldingen aan van de botanicus ir. Abraham Willem Kloos (Wormerveer, 10 april 1880 – Dordrecht, 3 juni 1952: 72)), die in Dordrecht leraar wiskunde en techniek aan de MTS is geweest. Kloos was op 23 juli 1914 in Dordrecht getrouwd met de onderwijzeres Dirkje Blijstra (Franeker, 17 januari 1885 – Leiden 17 februari 1968:83). Zij trok in bij haar man, die eerder in Dordrecht was gaan wonen, aan de Javastraat op nummer 28 rood.
        Drie kinderen kreeg het echtpaar, alle drie in Dordrecht. Als eerste kwam er Abraham (9 juli 1916), daarna Martha (29 november 1917) en ten slotte Jan (7 mei 1919). Het was deze laatste die op 22 november 1944 trouwde met plaatsgenote Diet Barendregt (Dordrecht, 9 mei 1924). Ornitholoog Jan Kloos was ook een verzetsstrijder. Hij werkte volgens de digitale encyclopedie Wikipedia “voor de inlichtingendienst van de binnenlandse strijdkrachten en de illegale inlichtingendienst Groep Albrecht”.

Diet en Jan

De drie kinderen Kloos uit het tweede huwelijk van A.W. Kloos met Dirkje Blijstra op 9 december 1931,
v.l.n.r. Abraham, Martha en Jan.
Foto RAD (nr. 309_18716)

Spionage
Twee weken na hun huwelijk, in de nacht van 8 op 9 december, werden zij beiden door de Dordtse politie gearresteerd en op 15 december 1944 wegens spionage ter dood veroordeeld. Jan Kloos werd overgebracht naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans in Amsterdam en op 30 januari 1945 op Rozenoord aan de Amsteldijk gefusilleerd. Hij ligt begraven op de Eerebegraafplaats Bloemendaal.
        Diet Kloos was vijf dagen eerder in Utrecht vrijgelaten. Zij pakte het verzetswerk weer op, onder andere als koerierster van de binnenlandse strijdkrachten.
        De gezinskaart van de familie Kloos vermeldt de diverse adressen waar zij in Dordrecht heeft gewoond. Na de Javastraat volgde het Maartensgat (nummer 15, per 7.5.1917), de Isaäc da Costastraat (nummer 8, per 15.7.1918), de Krispijnseweg (nummer 105, per 7.8.1922) en de Nieuweweg (nummer 40, per 13.8.1930).
        Op de kaart staan ook nog drie eerdere kinderen: Johanna Saakje (Goes, 27.6.1908), Anna (6.5.1909) en Douwe Abraham Kloos (Goes, 18.11.1910). Zij blijken kinderen te zijn uit een eerder huwelijk van vader Kloos, met Antje Eisma.
        Op 19 augustus 1911 trok Abraham Kloos met zijn eerste gezin naar Dordrecht om les te gaan geven in de MTS. De familie betrok eerst een woning aan de Voorstraat op nummer 286 rood, later aan de Emmastraat 9 en aan de Sophiastraat 24. Daarna voltrok zich een echtscheiding. Antje verhuisde met de drie kinderen naar Groningen, per 17 augustus 1911, haar ex hertrouwde drie jaar later. Antje Eisma is op 4 februari 1948 in Alkmaar overleden, 62 jaar oud.

Diet Kloos-Barendregt

De twee kinderen Barendregt op 9 maart 1924,
maar het zijn niet Diet (officieel Dina geheten) en Wouter. Misschien een nichtje en neef.
Foto’s RAD (nrs. 309_1557)








Jonger
Welke foto’s heeft Van Dooremalen opgedoken?
        Twee foto’s in de collectie-Beerman tonen Abraham Kloos, op jongere en oudere leeftijd. Wanneer de eerste foto is gemaakt, is niet achterhaald, de tweede is van maart 1936. Op een derde foto zijn drie kinderen te zien. De foto is volgens de administratie van Beerman bedoeld voor de ‘Nieuweweg’, en is gemaakt op 9 december 1931. Dit moeten dus wel de drie kinderen zijn die Abraham Kloos kreeg met Dirkje Blijstra.
        Het jongste kind, rechts op de foto, is dan Jan Kloos, de latere echtgenoot van Diet Barendregt.
        Drie foto’s zijn eveneens gevonden van een lid van de familie Barendregt – die woonde aan de De la Reijstraat, op nummer 6. Op 2 februari 1920 vestigde het gezin zich op dat adres, na eerst te hebben gewoond aan de Dubbeldamseweg, de Spuiweg en de Krispijnseweg. De vader heette Wouter (Heinenoord, 24 april 1882 – Dordrecht, 30 mei 1959: 77 jaar), de moeder was Johanna Maria Bijl (Dordrecht, 6 oktober 1893 – Dordrecht, 4 oktober 1969: 75 jaar).
        Op de ene foto, gemaakt op 9 maart 1924, zijn twee kinderen te zien, een meisje en een jongen. Dit zijn niet Dina en Wouter. Hoewel het gezin bestond uit ‘slechts’ twee kinderen (Wouter junior, de eerstgeborene van 12 mei 1918 en Dina van 9 mei 1924), kunnen zij het niet zijn: Dina kwam pas ‘na’ de foto. Mogelijk zijn het een nichtje en neef.
        De jongeman op de twee andere foto’s is Dina’s broer Wouter. Op de ene foto (van mei 1945) draagt hij een baard, op de andere (december 1947) niet meer.

Peter Barendregt toont een foto uit de oorlogstijd met alle stafleden en leerlingen van het Johan de Witt-gymnasium

Tweemaal Wouter Barendregt, in mei 1945 en in december 1947.
Foto’s RAD (nrs. 309_43506 en 309_48726)







< Terug naar index 'Verhalen over het voorbije joodse leven in Dordrecht'